hee iedereen! Dit is de eerste 'episode' van mijn verhaal. Het staat ook op mijn weblog: www.geertjeschrijft.web-log.nlZaterdag 7 November 2008 staat episode 2 op de weblog. Dit is dus alleen een introductie, ik zal hier verder élke eerste episode van verschillende van mijn weblog op zetten. Als je verder wil lezen moet je dus naar mijn weblog!Enjoy!Liefs geertje.
Normal
0
21
false
false
false
MicrosoftInternetExplorer4
/* Style Definitions */
table.MsoNormalTable
{mso-style-name:"Table Normal";
mso-tstyle-rowband-size:0;
mso-tstyle-colband-size:0;
mso-style-noshow:yes;
mso-style-parent:"";
mso-padding-alt:0cm 5.4pt 0cm 5.4pt;
mso-para-margin:0cm;
mso-para-margin-bottom:.0001pt;
mso-pagination:widow-orphan;
font-size:10.0pt;
font-family:"Times New Roman";
mso-ansi-language:#0400;
mso-fareast-language:#0400;
mso-bidi-language:#0400;}
Ik ben
Leena van der Kamp. Ik woon samen met mijn vader, en zusjes in Santa Monica,
een rijke suburb, Santa Monica, in Los Angeles, pal aan de Grote Oceaan.
Oorspronkelijk kom ik uit Europa, het op één na kleinste werelddeel. Toen de
vader van mijn vaders opa midden 19e eeuw hoorde van de Homestead
Act – als je als immigrant van boven de 21 jaar naar Amerika kwam, je een
gratis stuk land kreeg van 64 ha – verhuisde hij samen met zijn vrouw en
dochtertje naar Amerika en zo zijn ik en mijn vader hier terecht gekomen.
Wij, ik en
mijn zusjes, hebben niet altijd zonder moeder gewoond. Ooit was ze er, maar
twee jaar na de geboorte van mijn jongste zusjes, Iona en Namoi zijn een
tweeling, vertrok ze. Op een doodgewone dinsdagochtend lag er een briefje op de
eikenhouten keukentafel, dat ze weg was en niet meer terug kwam. Yilla, die
toen 6 jaar was, kon net lezen en Ira, mijn vader, had gevraagd of ze het wilde
voorlezen want hij stond onder de douche. Mijn vader stond naakt en mijn zusje
las het voor, hun lichamen enkel gescheiden door het gebloemde douchegordijn.
Amy las voor dat ze naar het buitenland ging, dat ze het verstikkende gevoel
hier zat was, dat ze de Gated Communities voorgoed achter zich wilde laten en
of Ira de jongsten (nog) niks wilde zeggen.
Achteraf
hadden we het wel aan moeten zien komen. Ze was steeds minder vrolijk, ze zat
altijd maar thuis, had geen vrienden hier. Ze was hierheen gekomen voor mijn
vader, ze kwam oorspronkelijk uit Australië, waar mijn vader haar ook had
ontmoet. Het enige Australische aan haar wereld waren onze namen: Leena, dat
water betekent, Maar dat was nu heel lang geleden en ik kan me niet eens meer
herinneren hoe haar moeder had geroken, hoe haar stem klonk, wat voor gebaren
ze altijd maakte. Eerst was ik heel erg verdrietig geweest en kon het zwijgen
van mijn vader, wat hij heel lang had gedaan, niet meer aan. Maar een jaar na
haar vertrek, toen ze echt voorgoed weg was, was ik alleen nog maar boos en
gefrustreerd. Waren wij niet genoeg voor haar om voor te leven? Stelde ze
vrijheid voor haar kinderen? Maar toen nog een jaar zonder moeder was
verstreken, was ik niet meer boos en keek ik ook niet meer om als ik het getik
van hakken door de straat hoorde galmen.
Ira is
nooit gaan daten met andere vrouwen, waarom weet ik niet, en ik heb het ook
nooit durven vragen, zelfs niet toen hij op zijn sterfbed lag.
Maargoed,
ons leven in de Gated Community ging door en we gingen naar onze chique, witte
scholen met sportzalen, muziekzalen en hobbyruimtes. We speelden met onze vriendinnetjes,
gingen stiekem door het hek om kiezelsteentjes naar de zwerfhonden te gooien en
gingen stiekem naar de jongensschool (ja zo jong al) om stiekem naar ze te
kijken en grapjes over ze te maken.
Onze twee
kleine zusjes groeiden op zonder moeder, wat ze heel goed afging, want mijn
vader speelde vader en moeder in één.
* * *
Op een
zonnige vrijdagmorgen, toen ik veertien jaar was, werd ik wakker en voelde dat
er iets eigenaardigs was gebeurd, en dat is waar ons verhaal begint.
Ik werd
wakker door de felle zonnestralen die van onder mijn gordijn naar binnen
schenen. Ik rekte me uit, geeuwde een keer flink en stapte in mijn pantoffels.
Tana, onze huishoudster, was beneden al aan het schoonmaken toen ik de trap af
liep. Ze begroette me vriendelijk en zei dat het ontbijt in de eetzaal op me
stond te wachten. Ik knikte, liep met mijn pantoffels over de nog natte vloer
de eetzaal binnen. Iedereen had al ontbeten zo te zien, ik was meestal de
laatste die uit bed kwam in de vakantie. Ik ging zitten en kreeg drie
pannenkoeken op mijn bord gekwakt door de donkere Tana. Ze waren besmeerd met
honing, zo vond ik ze het lekkerst. Er was nog best veel over toen ik de tafel
verliet en ik ging naar de keuken om mijn mond en handen te wassen. Door de
kier van de deur zag ik dat Tana de overige restjes van het ontbijt in een
bruine zak deed, en toen ze de keuken binnenkwam deed ik alsof ik niks gezien
had en ik liep de trap op. ‘Tana, ik wil me aankleden,’ zei ik.
Tana knikte
en liep na mij de trap op, we liepen langs haar kleine kamertje, daarna langs
de vertrekken waar de gezusters van der Kamp sliepen, leerden, zich wasten en
zich aankleedden. Iedereen had een aparte badkamer en slaapkamer met hemelbed,
kledingkast, grote ramen met uitzicht op het strand. Namoi’s slaapkamer kwam
eerst, haar hemelbed was lichtroze met kleine sterretjes erop geborduurd door
Tana, net als het behang en de gordijnen. Daarna die van Iona, een blauw
hemelbed met kleine vissen erop geborduurd, door onze moeder. Yilla’s kamer was
groen, en op haar hemelbed stonden allerlei patronen, ook door onze moeder
gedaan. Omdat ik de oudste was had ik de grootste kamer. Mijn hemelbed was
kanariegeel en bezaaid met zonnetjes, die mijn moeder met liefde op het dekbed
geborduurd had. De gordijnen en behang waren heel lichtgeel, bijna wit. Ik trok
mijn nachtpon uit. Tana veegde haar handen af op haar witte schort en trok de
twee grote deuren mijn houten kledingkast open. Er hingen tientallen jurken in,
in alle kleuren van de regenboog, ook nog wat te kleine jurkjes, die ik had
bewaard omdat mijn moeder ze voor me had gemaakt, er hingen truien,
spijkerbroeken, korte rokjes en topjes. Ze haalde ze een lichtgroen jurkje uit
de kast en ik ging met mijn handen omhoog staan, terwijl Tana het lichtgroene
geval over mijn lichaam aantrok. Ik ging in mijn zwarte schoenen staan en ging
op de witte stoel zitten zodat Tana mijn blonde haren kon kammen. Ik jammerde,
terwijl Tana meedogenloos met de borstel door mijn klitterige haar ging.
Achteraf dacht ik dat het haar genoegen deed dat ze mij pijn kon doen, zonder
dat ze straf kreeg. Wij snauwden haar altijd af, lachten om haar als ze een
moeilijk woord niet kon uitspreken en dit was een manier om ons terug te
pakken, wij, die vervelende en verveelde rijkeluisdochtertjes die het veel
beter hadden dan zij, een hardwerkende vrouw die voor haar kinderen moest
zorgen omdat haar man haar verlaten had. Maar wij wisten niet beter dan dat
Tana van ons was. Na een kwartier pijn te hebben geleden zaten mijn blonde
lokken in een nette vlecht en liep ik naar beneden, de grote tuin in. We hadden
een mooi zwembad, hoewel we vlak aan de zee woonden, en hadden een wit huis met
een zwart dak, net zoals de vijftig andere huizen in onze Gated Community, waar
we zelden uit kwamen.
Toen ik die
middag aan het spelen was met mijn zusjes in onze grote tuin, riep Tana ons
naar binnen. Haastig greep ze Namoi en Iona, die niet naar binnen wilden, bij
hun armen en sleepte hun naar binnen. Ik en Yilla begrepen dat er iets was en
liepen haastig achter Tana en onze jammerende zusjes aan. Ira zat aan de serre
aan de salontafel met een sterk geparfumeerde brief in zijn handen. Een net
handschrift, het was duidelijk een vrouw, had ons een brief gestuurd.
Instinctief dacht ik, en ik weet zeker dat mijn zusjes het ook dachten, aan
mama. Ik ging op de sofa zitten, en we hingen alle vier aan zijn lippen. ‘Mijn
moeder heeft ons een brief gestuurd,’ vertelde hij. We keken allemaal
teleurgesteld naar onze voeten. ‘Moet ik hem voorlezen?’
We knikten,
hoewel het ons niets kon schelen wat die oude vrouw te zeggen had. Ira knikte
en ademde diep uit. ‘Beste Ira, ik weet dat ik lange tijd niks heb laten horen,
en ik heb er oprecht spijt van. We weten natuurlijk allebei al langer dan
vandaag dat ik met de dag ouder wordt, en God mag weten hoelang ik nog leef. Ik
vrees de dood niet, maar ik zou het heel fijn vinden als jij, samen met je
dochters, deze zomer zou kunnen doorbrengen op mijn landhuis op het platteland.
Laat snel van je horen, liefs Evelyn van der Kamp.’
We waren allemaal
stil. We hadden gepland dat we deze zomer gewoon thuis zouden blijven, af en
toe een uitstapje naar de stad en we zouden een hele week naar Disneyland gaan!
Nu zouden we naar Suncity gaan bij oma, mijn moeders moeder, dé plek voor
bejaarden om te tennissen of te golfen: saai dus. Ik was al sinds mijn moeder
weg was niet meer bij mijn oma geweest, en ze had Namoi en Iona alleen bij de
geboorte gezien.
Dat was dus Episode 1.
Zie ik jullie terug op mijn weblog?
Neem een kijkje en plaats je reactie.
Love, geertje.